Financieel

Fiscaal aantrekkelijk obligatieplan voor (sport)vereniging

14 juli 2026

De Belastingdienst heeft zich uitgesproken over de mogelijkheid voor een vereniging om via obligatieleningen van de leden op een fiscaal aantrekkelijke manier geld aan te trekken. Hoe werkt dit?

Obligatieplan
In de casus die voorgelegd is bij de Belastingdienst wilde een sportvereniging geld ophalen voor de realisatie van een aantal sportfaciliteiten. Het obligatieplan dat daarvoor bedacht was, werkte als volgt:

  • Een lid van de vereniging leent via een obligatielening geld uit aan de vereniging.
  • Deze obligatielening wordt in een bepaald aantal jaren afgelost door de vereniging.
  • Op de obligatielening wordt door de vereniging een zakelijke rente vergoed.
  • Het lid maakt met de vereniging een akte van schenking op, waarbij het lid jaarlijks gedurende minimaal vijf jaar een vast bedrag aan de vereniging schenkt.
  • De door de vereniging te betalen aflossing en rente op de obligatielening worden verrekend met deze jaarlijkse schenking.
  • Het verstrekken van een obligatielening door een lid gaat altijd gepaard met de periodieke schenking zoals hiervoor beschreven.

Let op!
De sportvereniging in deze casus voldeed aan de definitie die geldt voor het aftrekbaar zijn van een periodieke gift aan een vereniging. Een vereniging voldoet hieraan als ze niet aan
de vennootschapsbelasting is onderworpen of daarvan is vrijgesteld. Daarnaast moet de vereniging volledige rechtsbevoegdheid en minimaal 25 leden hebben.

Periodieke gift aftrekbaar?
De vraag aan de Belastingdienst was of de periodieke gift die het lid aan de sportvereniging doet, aftrekbaar is als periodieke gift. De Belastingdienst heeft hierop geantwoord dat sprake is van een aftrekbare periodieke gift als het een reële geldlening betreft met een zakelijk rentepercentage. Uiteraard moet ook aan de overige voorwaarden voor de periodieke giftenaftrek worden voldaan.

Let op!
De overige voorwaarden voor periodieke giftenaftrek zijn opgenomen op de website van de Belastingdienst.

Reële geldlening
Voor een reële geldlening is volgens de Belastingdienst in ieder geval een terugbetalingsverplichting nodig. Verder moet de geldlening voldoende realiteitswaarde hebben. Dit betekent dat:

  • het bedrag van de geldlening door het lid daadwerkelijk moet worden overgemaakt naar de vereniging;
  • in de overeenkomst de duur van de geldlening is opgenomen;
  • de vereniging ook over de vereiste middelen beschikt om aan de terugbetalingsverplichting te voldoen.

Zakelijke rente
De Belastingdienst geeft aan dat het niet mogelijk is om op voorhand een vast zakelijk rentepercentage te benoemen. Dit is namelijk afhankelijk van de feiten en omstandigheden. Desondanks geeft de Belastingdienst aan dat onder de feiten en omstandigheden zoals hiervoor beschreven, aangesloten kan worden bij de rente op Nederlandse staatsobligaties met een vergelijkbare looptijd, vermeerderd met een beperkte risico-opslag.

Overleg met adviseur
Overweeg je met je vereniging een vergelijkbaar fiscaal aantrekkelijk obligatieplan? Overleg dan met onze adviseurs. De uitspraak van de Belastingdienst betekent namelijk niet dat elk obligatieplan zonder meer aan de voorwaarden voldoet. Zo kan er onder meer discussie ontstaan over de vraag of de vereniging over de vereiste middelen beschikt om aan de terugbetalingsverplichting te voldoen of over de zakelijkheid van het rentepercentage.


Ook interessant

Financieel

Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst bij uurtarief tot € 38

14 juli 2026

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar). Het rechtsvermoeden houdt in dat het vermoeden van een arbeidsovereenkomst wordt aangenomen voor iedereen die voor een ander arbeid verricht tegen een beloning van minder dan € 38 per uur.

Financieel

Definitief geen teruggaaf box 3 2017-2020 voor niet-bezwaarmakers

14 juli 2026

De Hoge Raad heeft op 25 juni 2026 uitgesproken dat niet-bezwaarmakers geen recht hebben op rechtsherstel box 3. Het gaat hier om het rechtsherstel voor de jaren 2017 tot en met 2020 van alle op 24 december 2021 (datum van het Kerstarrest) al onherroepelijk vaststaande aanslagen.

Financieel

Standaard betalingsregeling Belastingdienst voor particulieren

14 juli 2026

Met ingang van 1 juli 2026 hanteert de Belastingdienst in beginsel een standaard betalingsregeling voor particulieren die om uitstel van betaling vragen. Wat houdt dit in?