WNT-norm vanaf 2026 voor alle expatregelingen
Voor de expatregeling gelden strikte voorwaarden. Bij toepassing van de expatregeling (voorheen 30%-regeling) mag in 2026 maximaal 30% van het loon belastingvrij uitbetaald worden.
15 maart 2021
Het kabinet trekt fors meer geld uit voor inkomensondersteuning via de TONK (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten). Oorspronkelijk was voor de regeling € 130 miljoen uitgetrokken, maar op 12 maart is bekendgemaakt dat dit verhoogd wordt naar € 260 miljoen. De TONK is bedoeld voor degenen die door een inkomensverlies vanwege corona hun vaste lasten niet meer kunnen betalen en richt zich met name op woonlasten.
Aanvragen en uitvoeren via gemeente
De TONK kan met terugwerkende kracht tot 1 januari van dit jaar worden aangevraagd bij de gemeente. Vanaf wanneer de aanvraag mogelijk is, verschilt per gemeente. Ook de doelgroep die voor de TONK in aanmerking komt en de hoogte van de tegemoetkoming zijn een keuze van de gemeente en kan dus per gemeente verschillen. Het kabinet heeft gemeenten wel opgeroepen ruimhartig te zijn in het toekennen van de TONK.
Wanneer komt u voor TONK in aanmerking?
Voor de TONK komt u in aanmerking als u 18 jaar of ouder bent, aanzienlijk inkomen verliest door de coronacrisis, uw woonkosten niet meer uit uw inkomen of uw vermogen kunt betalen en overige financiële tegemoetkomingen tekortschieten. Daarnaast gelden nog andere voorwaarden die per gemeente kunnen verschillen.
Let op!
Uw gemeente bepaalt hoeveel vermogen u mag hebben om nog voor de TONK in aanmerking te komen. Dit kan dus per gemeente verschillen.
Wat zijn woonkosten?
Woonkosten ziet op huur of hypotheek, maar ook op de kosten van elektriciteit, gas en water, servicekosten en gemeentelijke belastingen. Uw gemeente bepaalt welke kosten door de TONK gedekt kunnen worden.
Voor de expatregeling gelden strikte voorwaarden. Bij toepassing van de expatregeling (voorheen 30%-regeling) mag in 2026 maximaal 30% van het loon belastingvrij uitbetaald worden.
Bij het gerechtshof Amsterdam stond de vraag centraal of de Uber-chauffeurs die zich in hoger beroep aan de zijde van Uber schaarden, werknemers zijn.
Stel, een auto wordt tegen een lagere prijs dan de marktwaarde overgedragen van de bv aan een dga. Moet de btw in zo’n geval berekend worden over de lagere prijs of over de werkelijke waarde?