Financieel

Verliezen verrekenen: wat verandert er per 1 januari 2022?

19 oktober 2021

Verliezen verrekenen: wat verandert er per 1 januari 2022?

Heeft of verwacht u verrekenbare verliezen in de vennootschapsbelasting? Bekijk dan tijdig de gevolgen van de gewijzigde verliesverrekeningsregels. De regels worden verruimd, maar ook beperkt vanaf 1 januari 2022.

Op hoofdlijnen
Vanaf 1 januari 2022 zijn verliezen in tijd onbeperkt voorwaarts verrekenbaar. Tegelijkertijd zijn vanaf die datum verliezen in omvang beperkt verrekenbaar: volledige verliesverrekening is straks slechts mogelijk tot een bedrag van € 1 miljoen.

Waarom?
Het doel van de wijzigingen is om te voorkomen dat bedrijven met winstgevende activiteiten jaren achtereen geen vennootschapsbelasting (Vpb) betalen. De wijzigingen moeten leiden tot een meer geleidelijke verliesverrekening en daarmee stabielere belastinginkomsten.

Verruiming verliesverrekeningsregels Vpb
Nu geldt voor de achterwaartse verliesverrekening nog een termijn van één jaar en voor voorwaartse verliesverrekening een termijn van zes jaar. Dat verliezen vanaf 1 januari 2022 in de tijd onbeperkt voorwaarts verrekenbaar zullen zijn, is een verruiming van de huidige regels.

Beperking verliesverrekeningsregels Vpb
Onder de huidige regels zijn verliezen in omvang onbeperkt verrekenbaar. Daardoor is het bij voldoende verliezen mogelijk om winsten jarenlang tot nihil te verminderen en daardoor geen vennootschapsbelasting te betalen. Deze praktijken wil het kabinet voorkomen. Daarom zijn verrekenbare verliezen vanaf 2022 in een jaar tot een bedrag van € 1 miljoen volledig verrekenbaar met de winst. Boven € 1 miljoen is het verlies slechts verrekenbaar met 50% van de resterende belastbare winst van dat jaar. Op die manier is, ondanks de aanwezigheid van compensabele verliezen, toch vennootschapsbelasting verschuldigd. Deze beperking is vanaf 2022 ook van toepassing op de in termijn ongewijzigde achterwaartse verliesverrekening van één jaar. Een verlies dat door de voorgestelde beperking in een jaar niet volledig voorwaarts of achterwaarts verrekenbaar is, wordt wel doorgeschoven. Het kan dan in volgende jaren met inachtneming van dezelfde beperking worden verrekend.

Let op!
Er is geen overgangsrecht. De wijzigingen zijn daarom van toepassing op verliezen die stammen uit boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2013. Deze verliezen gaan dus niet meer verloren, maar de verrekening per jaar wordt wel in omvang beperkt. Verliezen uit boekjaren die zijn aangevangen voor die datum zijn – conform de huidige regels – tot 31 december 2021 verrekenbaar. Daarna verdampen ze en kunt u ze dus niet meer verrekenen.

Tip!
Zijn er dus mogelijkheden om in 2021 bestaande verliezen te verrekenen? Maak daar dan gebruik van!

Tip!
Per 1 januari 2019 is de houdsterverliesregeling afgeschaft. Er geldt een overgangsregeling. De wijzigingen gaan ook gelden voor houdster- en financieringsverliezen die onder deze regeling vallen. Ook deze verliezen zijn dus tot een bedrag van € 1 miljoen volledig en daarboven slechts tot een bedrag van 50% van de belastbare houdster- of financieringswinst verrekenbaar. Daarbij blijft de regel gelden dat deze slechts verrekenbaar zijn met houdster- of financieringswinsten.


Ook interessant

Financieel

Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst bij uurtarief tot € 38

14 juli 2026

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar). Het rechtsvermoeden houdt in dat het vermoeden van een arbeidsovereenkomst wordt aangenomen voor iedereen die voor een ander arbeid verricht tegen een beloning van minder dan € 38 per uur.

Financieel

Definitief geen teruggaaf box 3 2017-2020 voor niet-bezwaarmakers

14 juli 2026

De Hoge Raad heeft op 25 juni 2026 uitgesproken dat niet-bezwaarmakers geen recht hebben op rechtsherstel box 3. Het gaat hier om het rechtsherstel voor de jaren 2017 tot en met 2020 van alle op 24 december 2021 (datum van het Kerstarrest) al onherroepelijk vaststaande aanslagen.

Financieel

Standaard betalingsregeling Belastingdienst voor particulieren

14 juli 2026

Met ingang van 1 juli 2026 hanteert de Belastingdienst in beginsel een standaard betalingsregeling voor particulieren die om uitstel van betaling vragen. Wat houdt dit in?