Financieel

Vrijstelling Vpb voor stichting en vereniging, zo werkt het

9 mei 2023

Ook verenigingen en stichtingen zijn belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting voor het gedeelte waarmee ze een onderneming drijven. Als de winst niet al te hoog is, geldt wel een vrijstelling. Hoe kunt u hiervan gebruikmaken?

Vrijstelling bij relatief geringe winst
De winst van een stichting of vereniging kan in een jaar worden vrijgesteld van vennootschapsbelasting als de winst niet meer dan € 15.000 bedraagt. Bedraagt de winst in een jaar meer dan € 15.000, dan is de vrijstelling toch van toepassing als de winst van dat jaar zelf, opgeteld met de winsten van de vier voorafgaande jaren niet meer bedraagt dan € 75.000.

Let op!
Ook als een vereniging of stichting nog geen vijf jaar bestaat, blijft de winstgrens van € 75.000 van toepassing. Bij een winst in startjaar 1 van € 30.000 en jaar 2 van € 35.000 en jaar 3 van € 5.000 is de vrijstelling gewoon van toepassing, omdat het totaal niet hoger is dan € 75.000.

Automatische toepassing
Als een vereniging of stichting voor de vrijstelling in aanmerking komt, past de Belastingdienst deze automatisch toe. Als aangifte is gedaan, volgt een nihilaanslag.

Liever geen vrijstelling?
Soms is het voor een vereniging of stichting voordeliger om niet onder de vrijstelling te vallen, bijvoorbeeld om een verlies te kunnen verrekenen of om een eindafrekening (nadat er eerst wel belastingplicht was) te voorkomen. Men kan er dan voor kiezen om niet te worden vrijgesteld.

Let op!
De keuze om niet onder de vrijstelling te vallen, geldt voor een periode van vijf jaar.

Let erop dat dit niet automatisch gaat en tijdig moet gebeuren. Beoordeel daarom ieder jaar of het verstandig is om de vrijstelling toe te passen. U moet voor het niet toepassen van de vrijstelling namelijk een brief sturen naar het belastingkantoor. Dit moet voordat de aangifte vennootschapsbelasting over het eerste jaar van de periode van vijf jaar is afgehandeld.

Expliciete uitspraak Belastingdienst
De Belastingdienst beveelt stichtingen en verenigingen aan om bij de aangifte te vermelden dat de vrijstelling van toepassing is. Dit kan door bij het punt ‘expliciet uitspraak Belastingdienst gevraagd’ te vermelden ‘vrijgesteld op grond van artikel 6 Wet Vpb’.


Ook interessant

Financieel

Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst bij uurtarief tot € 38

14 juli 2026

De Eerste Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar). Het rechtsvermoeden houdt in dat het vermoeden van een arbeidsovereenkomst wordt aangenomen voor iedereen die voor een ander arbeid verricht tegen een beloning van minder dan € 38 per uur.

Financieel

Definitief geen teruggaaf box 3 2017-2020 voor niet-bezwaarmakers

14 juli 2026

De Hoge Raad heeft op 25 juni 2026 uitgesproken dat niet-bezwaarmakers geen recht hebben op rechtsherstel box 3. Het gaat hier om het rechtsherstel voor de jaren 2017 tot en met 2020 van alle op 24 december 2021 (datum van het Kerstarrest) al onherroepelijk vaststaande aanslagen.

Financieel

Standaard betalingsregeling Belastingdienst voor particulieren

14 juli 2026

Met ingang van 1 juli 2026 hanteert de Belastingdienst in beginsel een standaard betalingsregeling voor particulieren die om uitstel van betaling vragen. Wat houdt dit in?